Zijn ethische vragen over Congo populistisch?

Door Peter Luykx op 17 maart 2010, over deze onderwerpen: Afrika, Leger

Vicepremier Joëlle Milquet (cdH) heeft geen bezwaren tegen de aanwezigheid van Congolese militairen aan het defilé op 21 juli in Brussel. En minister van Ontwikkelingssamenwerking Charles Michel (MR) noemt kritiek op Congolese militairen… populistisch.

Als er nog twijfel zou over bestaan dat men in België ook totaal anders denkt over buitenlands beleid, inclusief Congo, dan is die nu wel helemaal weggenomen. Dat was in het verleden al duidelijk, zeker als de belangen van Franstaligen in het geding waren. We herinneren aan de Belgische wapenleveringen aan Nepal in 2002. Ook toen waren er voor de Franstalige partijen geen ethische bezwaren tegen het verkopen van wapens aan een onderdrukkend regime.

Dat we betrokken zijn bij het lot van de Congolese bevolking is prima, maar de voortdurende legitimering van het regime van Kabila is dat niet. Franstalige Belgische politici lopen de vloer plat bij Kabila en zijn volgelingen. De ‘familie Michel’ gaf voortdurend een heel andere boodschap dan de vroegere minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht, nochtans ook een liberaal. Op de RTBf-radio viel Charles Michel nu de sp.a aan die volgens hem "almaar meer vervalt in een vorm van populisme en extremisme”. We verstaan dat evenzeer als een aanval op alle Vlamingen, die vragen durven stellen over het Congolese regime. Ook de N-VA vindt het ongehoord dat België zoete broodjes gaat bakken met de leidende figuren van een leger dat uitmunt in schendingen van mensenrechten en verantwoordelijk is voor een humanitair drama.

We kunnen ons zeker niet vinden in het bezoek van de Belgische koning aan het onafhankelijkheidsfeest in Kinsjasa. Er zijn grote vraagtekens te plaatsen bij de zogenaamde ruimere opdracht die de koning zou krijgen buiten de officiële plechtigheid. CD&V-minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanackere mag dit proberen te verkopen aan de Vlamingen, maar hij mag niet eisen dat iedereen naïef is. De aanwezigheid van het Belgische staatshoofd op dat feest zal hoe dan ook worden uitgelegd als steun aan de regering van Kabila. Dat is niets anders dan de legitimering van een rampzalig en corrupt regime.

Onthutsend is de mogelijke deelname van Congolese soldaten aan het militaire defilé op 21 juli in Brussel. Dat is nog wel niet beslist, maar het idee alleen al overtreft alles. Het Congolese leger onderscheidt zich in etnische slachtpartijen, plunderingen, verkrachtingen, het inzetten van kindsoldaten en pure slavernij. En het zijn niet alleen de ‘Vlaamse populisten’ die dat beweren. De rapporten van humanitaire organisaties liegen er niet om. Het Human Security Report Project van Simon Fraser University in Canada berekende dat tussen 1998 en 2008 niet minder dan 5,4 miljoen Congolezen gestorven zijn aan oorlogsgerelateerde incidenten. Dit maakt van Congo het conflict met de hoogste dodentol sinds WO II. Dat wordt nog eens bevestigd door een nieuw rapport van de VN. Daarin staat dat de veiligheidssituatie in Congo nog steeds verslechtert en dat het regeringsleger, de politie en de inlichtingendiensten zich schuldig maken aan 'willekeurige executies, seksueel geweld, folteringen en mishandeling'. Is het zo populistisch om bezwaren te koesteren tegen een parade van dat leger door de straten van Brussel?

Partners?

De hele affaire toont voor de zoveelste keer de tegenstellingen in de Belgische regering. Voor de Franstalige regeringspartijen mag er geen enkel veto worden gesteld, zelfs niet tegen de deelname van Congolese militairen aan de Belgische nationale feestdag. Congo en België één front als het ware. Voor de Open Vld is de Congolese parade in Brussel een brug te ver. Zelfs Herman De Croo, Belg en monarchist in hart en nieren, vond het in De Zevende Dag te vergaand. De Franstalige liberalen noemen ethische bedenkingen echter populistisch, zoals ze ook de N-VA-bezwaren tegen een lallende minister van Pensioenen Daerden populistisch noemden.

Vicepremier Joëlle Milquet gaat nog een stap verder. Ze verwijst naar het “partnerschap” dat België heeft afgesloten met de Congolese troepen. Het moet dus maar normaal zijn dat we soldaten kunnen uitwisselen, zegt ze. Moet België dan zo fier zijn op die militaire samenwerking? Heeft dat mooie resultaten opgeleverd, mevrouw Milquet?

In het recente boek Réforme au Congo. Attentes et désillusions (van Theodore Trefon in de reeks Afrika-studies van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika) staat het mooi omschreven: “Er is geen toezicht op het leger en de andere veiligheidsdiensten, die ook onvoldoende gedisciplineerd zijn.” Of zoals De Standaard het schreef: het Congolees leger is een gevaarlijk zootje ongeregeld.

Voorlopig is het stil bij de andere Vlaamse regeringspartner CD&V. Elke stap, die minister van Buitenlandse Zaken Vanackere zet, wordt meteen beantwoord met enkele fameuze tegenbewegingen van de Franstaligen. Het is gewoon ‘hun Congo’? En ‘hun koning’ zal zonder veel reserves de eer bewijzen aan de vrienden.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is